BMW Dusseldorp vol gas achter FC Volendam: ‘Mooie avonden en fijn netwerken’

  • dinsdag, 06 apr 2021
  • Leestijd: 3 minuten
  • Bron: FC Volendam

In de rubriek Wij Blijven Oranje spreken we met bedrijven die FC Volendam ook volgend seizoen trouw blijven als sponsor. BMW Dusseldorp in Hoorn trapt ook volgend jaar het gaspedaal in bij de club.

“Ik hoop dat we snel weer mogen komen in het nieuwe seizoen”, begint directeur Frans Appel. “Daar draait het uiteindelijk om, bij de wedstrijden zijn. Om mensen te zien en te spreken, fijn te netwerken en klanten mee te nemen.”

Het sponsorschap van BMW Dusseldorp bestaat onder andere uit twee businessseats op de hoofdtribune. “Daarnaast hebben we een reclame-uiting die voorbijkomt op de videowalls.” In 2018 vernieuwde BMW Dusseldorp haar vestiging in Hoorn volledig. Sindsdien is er niet alleen een BMW-showroom en werkplaats te vinden, maar kunnen mensen er ook terecht voor een speciale Mini-showroom.

Vertrouwen

Appel ziet fraaie ontwikkelingen bij FC Volendam. “Ik kijk er zeer positief tegenaan. Met Wim Jonk is destijds een naam binnengehaald die heeft bewezen iets neer te kunnen zetten. De resultaten gaan misschien nog een beetje op en neer, maar ik heb er vertrouwen in dat de club uiteindelijk gaat komen waar het naartoe wil.”

De belangrijkste reden voor BMW Dusseldorp om te blijven als sponsor? “Het gaat uiteindelijk natuurlijk niet alleen om het betalen van euro’s, maar om een totaalpakket. Kijk: bij ons gaat het ondanks de coronacrisis nog steeds goed. Dus dan moet je niet meteen met dit soort dingen willen stoppen. Bij FC Volendam beleven wij mooie avonden en doen we goede contacten op. Het feest begint al anderhalf, twee uur voor de wedstrijd, als je lekker gaat eten met een klant in de Runderkamp Lounge. Dat wordt erg gewaardeerd.”

Setting

De meerwaarde van een klant meenemen naar een voetbalwedstrijd in het Kras Stadion is voor Appel simpel te benoemen. “Je spreekt elkaar in een andere setting en daardoor praat je het met elkaar ook over andere dingen dan het werk zelf. Je hebt intensiever een-op-een-contact in een andere omgeving. Dat kan heel goed zijn.”